VITABERNA

 

 


Pastoraal atelier

Levoland 

Relimarkt

Bronnenmagazijn

 

TEKSTEN VOOR LICHTRITUS UITVAARTLITURGIE

LICHTRITUS 1
We steken kaarsen aan als symbool voor het licht en de warmte die <naam> verspreidde.
Licht van liefde voor zijn/haar <>.
Licht van zijn/haar zorgzaamheid voor <>.
Licht van zijn/haar plezier in <>.
Licht van zijn/haar genieten van <>.
Licht van zijn/haar vertrouwen in God en Maria.
Licht van zijn/haar blijdschap bij het zien van <>.
LICHTRITUS 2
Nu wij <naam> voor het laatst hier in ons midden hebben, steken we kaarsen aan om hem/haar 
te gedenken om datgene wat hij/zij is geweest.
De eerste vlam is de vlam van de zon, die de bron is van alle dingen. Zo wordt ieder mens een 
beetje uit de zon geboren om warmte te zijn voor de ander.
De tweede vlam is de vlam van de taal. Met vurige woorden zoeken mensen naar elkaar.
De derde vlam is de vlam van de liefde. Liefhebben begrijpt je hele wezen, zodat een mens een 
brandende ziel wordt, een laaiende boom die niet verteert.
De vierde vlam is de honger en de dorst, het blijven verlangen in de mens, de rust die hem 
gaande houdt, door geen zee te blussen.
De vijfde vlam is de vlam van de muziek, van de hoop en de vreugde, om zoveel mensen om je 
heen. Hoop en vreugde zijn in een mens als onsterfelijke muziek.
De zesde vlam is de vlam van de hoop, die van mensen grote en kleine profeten maakt. 
Pleitbezorgers van bedreigd geluk en vechters voor de vrede.
De zevende vlam is de vlam van het licht. Gods licht in de wereld, het ware Licht, het licht in de 
nacht, dat allen verlicht.
LICHTRITUS 3
Toen <naam> gedoopt werd is er een kaars ontstoken opdat hij licht en warmte zou zijn; een 
vuur, een vonk onder de mensen. Vandaag ontsteken wij opnieuw dit vuur, het vuur van de 
paaskaars, symbool van leven door de dood heen, van liefde die verder reikt dan de dood. In 
het teken van licht, vuur en warmte willen wij <naam> gedenken. Licht, vuur en warmte voor 
ons in deze donkere dagen. We ontsteken de zevenarmige kandelaar.
De eerste vlam is de vlam van de hartelijkheid, van de warme contacten die <naam> legde, het 
meeleven met anderen. Deze vlam geeft warmte aan mensen om ons heen.
De tweede vlam is de vlam van de arbeid. <Naam>, altijd hard werkend van vroeg tot laat. Deze 
vlam geeft zin aan ons bestaan.
De derde vlam is de vlam van de oprechtheid. <Naam>  was iemand recht door zee, iemand 
van wie je op aan kon. Deze vlam geeft ons een oprecht vertrouwen in mensen om ons heen.
De vierde vlam is de vlam van de liefde, de liefde die hij/zij voelde voor <naam>, <zijn kinderen 
en kleinkinderen>. Deze vlam laat ons voelen dat wij de moeite waard zijn.
De vijfde vlam is de vlam van de zorgzaamheid die <naam> om zich heen spreidde. Sociaal 
bewogen in <contacten>. Een zorg voor iedereen, zonder aanzien des persoons. Deze vlam 
draagt zorg voor alles en allen die zorg nodig hebben.
De zesde vlam is de vlam van de aarde, de aarde die vruchten voortbrengt, de aarde die geeft 
en neemt. Deze vlam blijft het ontzag voor de aarde en voor de natuur in ons bestaan.
De zevende vlam is God zelf die woont in het licht en die <naam> tot dit blijvende licht heeft 
geroepen. Door deze vlam blijft <naam> in ons voortleven voor nu en altijd.
LICHTRITUS 4
De eerste vlam is de vlam van de liefde. Verbonden in liefde moeten wij elkaar loslaten; een 
band voor het leven, gebroken door de dood.
De tweede vlam, de vlam van het leven. Een leven samen, en toch uniek: wij voelen ons niet 
meer compleet.
De derde vlam is de vlam van de hoop. De dood slaat een gat in de hoop. Twijfel is wat 
overblijft.
De vierde vlam is de vlam van het licht. Het is het licht dat we nodig hebben in deze donkere tijd.
De vijfde vlam is die van het geloof. Ons geloof wordt op de proef gsteld. We zoeken steun en 
troost bij elkaar.
De zesde vlam is de vlam van het geluk. We hadden het geluk gevonden, maar op dit moment 
zijn we het kwijt.
De zevende vlam is de vlam van de warmte. Warmte die we nodig hebben in deze moeilijke tijd. 
Warmte van de ander, een luisterend oor, een arm om je heen.
LICHTRITUS 5
We steken een kaars aan, een klein vuur, als teken van warmte die jij verspreidde. 
Licht van je liefde,
Licht van je lachen,
Licht van je zorgen,
Licht van je zingen,
Licht van je werken,
Licht van je wensen,
Licht van je dromen,
Licht van je denken,
Licht van je leven,
Jouw leven met ons.
Moge jouw licht
ons blijven verlichten,
en het eeuwige licht verlichte jou.
Zo zal licht ons blijven verbinden,
en zal ons troosten in donker en kou.

LICHTRITUS 6
Zes kaarsen, zes woorden die bij <naam> horen.
Het eerste woord is LIEFDE die je gul gaf aan iedereen. 
Jij was het die liefde en warmte uitstraalde.

Het tweede woord is LEVEN. 
Een leven met plezier door jou met ons geleefd. 
De twinkel in jouw ogen is wat bij ons verder leeft.

Het derde woord is LICHT. 
Het licht op een weg in het leven door jou ingezet. 
Voor ons als een baken in de verte, een houvast in de toekomst.

Het vierde woord is GELOOF. 
Jij bezat een vertrouwen in het geloof. 
Het was geen geloof van woorden, maar een van beleven.

Het vijfde woord is HOOP. 
Jouw wensen in het leven, eenvoudig en puur, 
waren jouw hoop op geluk, voor ieder van ons.

Het zesde woord is DANKBAARHEID. 
Wij zijn dankbaar voor alle gezellige momenten 
die we samen met <naam> hebben doorgebracht.

Terug naar overzicht